Horeca-interieur

Horeca-interieur

Een horeca-interieur is de inrichting van een café, restaurant, bar of hotel: de meubels, de materialen, het licht, het geluid en de manier waarop de ruimte is ingedeeld. Het verschil met je eigen woonkamer zit in het gebruik. Een stoel in een restaurant krijgt elke dag nieuwe gasten, terwijl een eetkamerstoel thuis steeds dezelfde mensen draagt. Bovendien moet de ruimte ervoor zorgen dat die gasten blijven zitten en terugkomen.

Daarom begin je bij het concept van de zaak en niet bij een meubel. Uit dat concept volgen de stijl, de indeling en de materialen. Voorbeelden met foto’s van restaurants, bars en hotels vind je in het artikel met inspiratie voor een horeca-interieur.

Wat een horeca-interieur anders maakt dan je woonkamer

De uitstraling mag op die van een woonkamer lijken, maar de eisen verschillen op vijf punten:

Woonkamer

Horecazaak

Gebruik

Een paar mensen, vaak dezelfde

Wisselende gasten, de hele dag door

Stoffen

Kiezen op kleur en gevoel

Ook kiezen op slijtvastheid en brandgedrag

Geluid

Zelden een probleem

Veel stemmen in één ruimte, dus akoestiek telt mee

Indeling

Rond de bank en de eettafel

Rond de route van gast en personeel

Doel

Prettig wonen

Gasten laten blijven en terugkomen

De stijl volgt het concept van de zaak

Een koffiebar voor een snelle cappuccino vraagt een ander interieur dan een restaurant waar gasten drie uur blijven tafelen. Leg daarom eerst vast wie je gasten zijn, hoe lang ze blijven en wat er op de kaart staat. Pas daarna kies je de stijl die daarbij past.

Veel zaken lenen hun stijl van een woonstijl. Staal, beton en donkere tinten horen bij een industrieel interieur, dat goed past bij een bar of een stadsrestaurant. Licht hout, linnen en weinig versiering horen bij Scandinavisch design, japandi en mid-century modern, drie designstijlen die een rustige basis geven voor een lunchroom of een hotellobby.

Twijfel je tussen twee richtingen, maak dan een moodboard: een verzameling beelden van zaken, materialen en kleuren die je aanspreken. Leg je de beelden naast elkaar, dan zie je vanzelf welke lijn terugkomt.

De indeling bepaalt hoe gasten en personeel bewegen

Een horecazaak heeft twee stromen die elkaar steeds kruisen. Gasten komen binnen, gaan zitten en lopen naar het toilet, terwijl het personeel tussen keuken, bar en tafels heen en weer gaat. Een indeling die werkt, houdt die twee zoveel mogelijk uit elkaar. Zo staat er geen gast in de looproute van iemand met drie borden.

Deel de ruimte daarnaast op in zones met elk een eigen functie:

  • een bar of toonbank als vast punt waar gasten bestellen of wachten
  • een eetgedeelte met tafels die je kunt schuiven voor grotere gezelschappen
  • een rustiger hoek met banken of fauteuils voor wie langer blijft

Een mix van tafels voor twee en voor vier personen maakt de zaak flexibel. Een vaste bank langs de wand met losse stoelen ertegenover houdt het midden van de zaal vrij voor de looproute.

Materialen die intensief gebruik aankunnen

Gasten schuiven elke dag met een restaurantstoel en morsen erop. Het personeel maakt hem na elke dienst schoon. Dat gebruik weegt bij de keuze van materialen zwaarder dan bij een meubel voor thuis.

Let bij stoffen op slijtvastheid en brandgedrag

De Martindale-test meet hoe slijtvast een meubelstof is: een schuurkop draait over de stof tot er slijtage te zien is. Het aantal toeren tot dat moment is de score. Voor restaurants, cafés en hotelkamers noemt de Britse contractleverancier DeFrae 40.000 toeren als startpunt (bron: DeFrae Contract Furniture). Dat is een richtlijn uit de branche, geen wettelijke eis.

Voor het brandgedrag van gestoffeerde meubels geldt de Europese norm EN 1021. Die bestaat uit twee delen. Deel 1 test met een smeulende sigaret, deel 2 met een kleine vlam die even groot is als die van een lucifer. Bij deel 2 moet de stof vanzelf ophouden met branden binnen 120 seconden nadat de testvlam is weggehaald (bron: Begoodtex). Vraag bij gestoffeerde stoelen en banken naar de testrapporten van beide delen.

Tafels, wanden en vloer

Tafelbladen en wanden krijgen in de horeca vlekken, krassen en schoonmaakmiddel te verwerken. Kies daarom afwerkingen die je met een vochtige doek schoon krijgt. Bij massief hout hangt het onderhoud af van de afwerking, want olie, zeep, lak en verf vragen elk een andere aanpak bij het schoonmaken en onderhouden van meubels. Wil je de uitstraling van hout zonder massief hout, dan is plakfolie met houtlook een optie voor wanden en kasten. Voor de vloer zijn er houtlook tegels: een tegelvloer die eruitziet als hout.

Licht en geluid bepalen hoe lang gasten blijven

Bij klachten over horeca staat lawaai op nummer 1, meldt branchevereniging KHN (bron: KHN). Gasten die elkaar slecht verstaan, gaan harder praten, waarna de tafel naast hen ook harder gaat praten. Harde oppervlakken zoals een betonvloer en glazen wanden kaatsen geluid terug. Gestoffeerde banken en stoelen, zware gordijnen en een vloerkleed nemen het juist op (bron: MAX Vandaag). Neem geluid daarom mee bij de keuze van materialen en niet pas als de zaak al open is.

Met licht zet je de sfeer per moment van de dag. Verdeel het licht over meerdere bronnen in plaats van één felle plafondlamp. Hang bijvoorbeeld een lamp boven elke tafel, zet wandlampen in de rest van de ruimte en geef de bar wat extra licht. Lampen die je kunt dimmen of een ledlamp met drie standen laten dezelfde zaak ’s middags helder en ’s avonds gedempt ogen.

Designklassiekers in de horeca

Sommige designklassiekers zijn voor de horeca ontworpen. Arne Jacobsen ontwierp de Egg in 1958 voor de lobby en de receptie van het SAS Royal Hotel in Kopenhagen. Zoals bij design meubels gebruikelijk is, hoort bij dat ontwerp een vaste fabrikant: Fritz Hansen maakt de Egg (bron: Fritz Hansen).

Van bekende ontwerpen bestaan veel namaakversies. Op een foto zie je het verschil vaak niet. Hoe je een origineel van een kopie onderscheidt, lees je in het artikel over de Eames stoel. Koop je een klassieker voor je zaak, controleer dan of de fabrikant op het aankoopbewijs staat en of het materiaal klopt met wat die fabrikant opgeeft. Bij tweedehands design meubels is dat extra belangrijk, omdat je het meubel dan niet bij de fabrikant of zijn verkooppunten koopt.

Van horecazaak naar kantoor

Veel keuzes op deze pagina gelden ook voor een kantoor of een andere zakelijke ruimte: veel gebruikers, stoffen die tegen een stootje kunnen en geluid dat je wilt beheersen. Wat verschilt, is het doel: in een kantoor blijven mensen de hele dag om te werken, in een horecazaak komen ze voor een paar uur om te genieten. Een kantoorstoel kies je daarom vooral op werkcomfort, een restaurantstoel op hoe lang een gast erop wil blijven zitten.